Cosa Nostra LAN #1 - De Pioniers
Cosa Nostra LAN #1 - De Pioniers
De kerstvakantie van 1998 (5e klas) zou
het decor vormen van de eerste Cosa Nostra LAN in de geschiedenis. Andries,
Irin en Herre zouden als netwerkpioniers het eerste Cosa Nostra Local
Area Network opzetten. De overige leden waren allemaal verhinderd van
deelname (Svend, Tako en Arnaud omdat hun systeem dusdanig was verouderd
dat er geen normaal spel meer op gespeeld kon worden, Thomas omdat hij
rond deze tijd nog nooit van een PC had gehoord en Wim mocht niet komen,
omdat de Rosier-486 beschikbaar moest zijn voor de vakbond van zijn
broer).
Toen we alle drie met enige moeite onze Coax kabels en TCP/IP instellingen
aan de praat hadden gekregen was onze eerste LAN een feit. We hadden
allemaal, volgens Cosa Nostra Netwerk normen, een zeer ruime plek tot onze
beschikking. Iedereen had een eigen bureau en er hoefde dus nog geen
gebruik te worden gemaakt van tuin- en bijzettafeltjes. Er moest echter
wel een raam worden afgeplakt omdat Andries voortdurend zat te zeuren over
de felle zon, en op de ene of andere manier kreeg Irin iedereen zover dat
het raam de hele tijd open mocht staan, zodat er een luchtstroom van
buiten naar binnen ontstond die door zijn processor blies en er ervoor
zorgde dat het de hele tijd ijskoud was.
Nog wat onervaren met het gebruik van meerdere computers tegelijk, en nog
niet op de hoogte van het gemiddelde stroomverbruik, durfden we niet meer
dan 2 computers op een stroomgroep aan te sluiten, en daarom werd er eerst
een hoogspanningskabel naar de keuken aangelegd. (Latere LAN's wezen uit
dat bij het aansluiten van zeven PC's op een groep de stoppen pas
doorslaan, zie LAN #3.) Na enig gezeur van Irin, die claimde dat
zijn computer zou ontploffen als hij samen met Andries' PC van hetzelfde
stopcontact gebruik zou moeten maken, kregen we onze systemen aan de
praat. Alle D-merk DTC Coax-kaarten bleken te werken en nadat Andries en
Herre zich over de psychologische drempel hadden gezet om hun computers in
directe verbinding te stellen met het meest onstabiele systeem van het
westelijk halfrond, konden we aan de slag.
Natuurlijk begonnen we met het spel der spellen: Half-Life. Omdat
Counter-Strike destijds nog niet bestond moesten we ons vermaken met de
originele Half-Life Deathmatch. Dit was allesbehalve saai. Meteen kreeg
iedereen zijn eigen karakteristieke skin. Irin zaaide dood en verderf als
Grunt, Herre stierf menigmaal in zijn robotskin en Andries stelde zich als
"Barney" keer op keer beschikbaar als schietschijf. In levels als
Frenzy, Crossfire en Stalkyard werden wij door Irin ontgroend. Naarmate de
uren vorderden, slaagden Andries en Herre er door zorgvuldig teamwork en
goed uitgedachte naaiacties er steeds vaker in om Irin ook dood te
krijgen.
Omdat we erachter kwamen dat drie man relatief saai was en omdat er nog
een ongebruikte computer in de kamer stond, besloten we de volgende dag
een extra netwerk kaart te kopen en deze in de P200 te stoppen. Maarten
was bereid om hierop te gaan spelen. Hierdoor hebben we de rest van de
tijd met ons vieren menig potje Half-Life gespeeld.
Om af te kicken van Half-Life, speelden we af en toe ook nog een potje
Delta-Force Cooperative. Door goed geplande acties zuiverden Andries en
Herre menig level van ongure personen, hierbij tegengewerkt door hun
teamlid Irin die zijn kogels voornamelijk op zijn teamleden afschoot.
Gevoed door cola, chips, pizza en tosti's kwamen we de dagen door. Op de
laatste dag waren we het er allemaal over eens dat we dit zeker nog een
keer over zouden moeten doen, en dit betekende dan ook het begin van een
hele serie Cosa Nostra LAN's.

De
glorietijd van de 14 inch monitoren
Tweety
<<Terug
|